Valongelukken kosten Nederland 1,5 miljard euro per jaar. Toch reageert de zorg nog overwegend nadat iemand gevallen is. In deze whitepaper onderbouwt touchbase waarom een paradigmaverschuiving naar predictieve zorgtechnologie haalbaar én noodzakelijk is, wat internationale koplopers bewijzen, en hoe zorgorganisaties nu concreet stappen kunnen zetten.
119.000 SEH-opnames (2024) Ouderen na valincident | €1,5 mrd Directe zorgkosten/jaar Valincidenten in Nederland | 31% Kostenbesparing Predictieve interventie (npj Digital Medicine) |
Managementsamenvatting
Vallen is geen ongeluk — het is een voorspelbaar en grotendeels te voorkomen gezondheidsprobleem. Toch behandelt het Nederlandse zorgstelsel valincidenten bij thuiswonende ouderen nog steeds overwegend reactief: pas als iemand gevallen is, treedt de zorgmachine in werking. Dat kost mensenlevens, persoonlijk leed en structureel miljarden aan zorgkosten.
Deze whitepaper onderbouwt waarom een paradigmaverschuiving noodzakelijk én haalbaar is: van curatief naar preventief, van incident-gestuurd naar patroon-gestuurd. Op basis van recente wetenschappelijke studies en internationale praktijkervaringen laat deze whitepaper zien dat passieve sensortechnologie — onopvallend thuis, zonder gedragsverandering van de cliënt — in staat is om vroegtijdige signalen van gezondheidsachteruitgang te detecteren, ruim vóór een val of ziekenhuisopname plaatsvindt.
De consequenties voor zorgorganisaties zijn concreet: lagere zorgkosten, betere allocatie van schaarse zorgcapaciteit, een hogere kwaliteit van leven voor cliënten en een aantoonbaar preventief zorgaanbod dat aansluit op de actuele beleidsambities van overheid en zorgverzekeraars.
Kernboodschap voor bestuurders Eén voorkomen heupfractuur per tien gemonitorde cliënten — een conservatieve aanname op basis van internationaal onderzoek — maakt brede implementatie van thuismonitoring al kostenneutraal of positief. De vraag is niet óf predictieve zorgtechnologie een rol gaat spelen. De vraag is wanneer uw organisatie de stap zet. |
Inhoudsopgave
1. Het probleem: een reactief zorgsysteem in een vergrijzende samenleving
2. Wat de wetenschap zegt: gedragspatronen als vroege indicator
3. Internationale voorlopers: wat andere landen ons leren
4. Implicaties voor zorgorganisaties in Nederland
5. touchbase: van inzicht naar schaalbare preventieve zorg
6. Van inzicht naar implementatie: succesfactoren en business case
7. Conclusie en volgende stap
8. Bronnen en referenties
1. Het probleem: een reactief zorgsysteem in een vergrijzende samenleving
1.1 De omvang van het valprobleem in Nederland
Valongelukken zijn de meest voorkomende oorzaak van ernstig letsel bij mensen van 65 jaar en ouder. De cijfers zijn urgent: in 2024 kwamen 119.000 ouderen na een val op de Spoedeisende Hulp terecht — structureel stijgend ten opzichte van voorgaande jaren. Van hen had 55% een fractuur, 15% een heupfractuur en 19% hersenletsel. De directe medische kosten van valincidenten bedragen inmiddels 1,5 miljard euro per jaar.
Prognose VeiligheidNL (2024) Bij ongewijzigd beleid nemen de SEH-opnamen van ouderen na een val vóór 2030 met 50% toe. De directe medische kosten verdubbelen dan naar 2,4 miljard euro per jaar. De demografische druk maakt vroegtijdig ingrijpen urgent. |
Wat deze cijfers niet volledig zichtbaar maken, zijn de indirecte gevolgen: valangst, verminderde mobiliteit, verlies van zelfstandigheid, verhoogd risico op cognitieve achteruitgang en toenemend sociaal isolement. Een val is vaak het omslagpunt waarop iemand niet meer zelfstandig kan wonen — met een transitie naar verpleeghuis of intensieve thuiszorg als gevolg.
1.2 De ketenaanpak Valpreventie: noodzakelijk maar onvoldoende
De Nederlandse overheid erkent de urgentie. Sinds 2023 is de ketenaanpak Valpreventie actief; valpreventie is per 1 januari 2024 opgenomen in het basispakket van de zorgverzekering. Dit zijn positieve stappen. Toch blijkt uit de meest recente RIVM-monitor (2025) dat de gestelde doelen lang niet worden gehaald. De ambitie om 14% van alle thuiswonende ouderen jaarlijks een valrisico-inschatting te geven, is in de meeste regio's niet bereikt.
Het structurele probleem: de ketenaanpak is goed in het begeleiden van ouderen die al zijn gesignaleerd als risicovol, maar slecht in het continu bewaken van de groep die dat risico nog niet zichtbaar heeft gemaakt. De val is voor die groep nog steeds het eerste signaal dat er iets aan de hand is.
1.3 Het paradigmaprobleem: curatief denken in een preventieve context
Het zorgstelsel is historisch gebouwd rondom acute zorg. Maar bij de complexe, geleidelijke achteruitgang die bij ouderen kenmerkend is, schiet dit model structureel tekort. Gezondheidsachteruitgang bij ouderen verloopt zelden abrupt. Weken of maanden vóór een valincident of ziekenhuisopname zijn er subtiele veranderingen zichtbaar: minder mobiliteit, verstoord slaappatroon, veranderd beweeggedrag, toenemende nachtelijke onrust.
"Een val is zelden een onverwachte gebeurtenis — het is vrijwel altijd het zichtbare eindpunt van een onzichtbaar proces dat al veel eerder begon."
Dit is het vertrekpunt voor predictieve zorgtechnologie: niet wachten op de crisis, maar de aanloop ernaar detecteren via leefpatroonmonitoring.
2. Wat de wetenschap zegt: gedragspatronen als vroege indicator
2.1 Van incident naar patroon: de theoretische basis
De wetenschappelijke grondslag voor predictieve ouderenzorg is stevig en groeiend. Een toenemend aantal studies laat zien dat veranderingen in dagelijkse gedragspatronen — gemeten via passieve sensorsystemen in de thuisomgeving — betrouwbare indicatoren zijn van naderende gezondheidsachteruitgang, ruim voordat klinische symptomen zichtbaar worden.
Een systematische review gepubliceerd in Sensors (mei 2025), gebaseerd op studies tot en met april 2024, bevestigt dat passieve sensortechnologie aantoonbare klinische waarde heeft voor vroegsignalering van gezondheidsproblemen en functionele achteruitgang bij thuiswonende ouderen. De review concludeert dat de technologie zowel haalbaar als ecologisch valide is in dagelijkse thuisomgevingen.
2.2 Slaap als biomarker: nachtelijke patronen als vroegsignaal
Slaap is een van de meest veelbelovende passieve biomarkers in de ouderenzorg. Slaapkwaliteit, slaapritme, nachtelijk bewegen en de frequentie van opstaan correleren sterk met een brede reeks van gezondheidsuitkomsten: cognitieve achteruitgang, cardiovasculaire problemen, urineweginfecties (een bekende precursor van vallen en verwardheid bij ouderen) en emotioneel welbevinden.
Wat passieve radartechnologie toevoegt aan bestaande klinische methoden is continuïteit. Waar een zorgprofessional eens per week of maand een momentopname maakt, registreert een passieve sensor elke nacht. Afwijkingen van het persoonlijk basispatroon worden zo vroeg zichtbaar, ongeacht of de cliënt zelf iets opmerkt.
2.3 Bewegingspatronen en valrisico: van detectie naar predictie
Onderzoek naar valrisicobeoordeling is de afgelopen jaren sterk gevorderd. Een uitgebreid systematisch overzicht (Applied Sciences, februari 2026) beschrijft de verschuiving van reactieve valdetectie — vaststellen dát iemand gevallen is — naar proactieve valrisicobeoordeling op basis van continue patroonmeting. Machine learning-modellen, met name hybride CNN-LSTM-architecturen, laten veelbelovende resultaten zien bij het voorspellen van verhoogd valrisico op basis van subtiele veranderingen in looppatroon, loopsnelheid en ruimtegebruik.
Onderzoeksbevinding — npj Digital Medicine (Philips Research & Harvard Medical School) Een predictieve Stepped-Care-interventie bij ouderen (65+) leidde tot 31% lagere intramurale zorgkosten en 20% totale zorgkostenreductie over 180 dagen, vergeleken met standaardzorg (n=370). Predictieve analyses gecombineerd met gerichte interventies bieden een sterke return on investment voor zorgorganisaties. |
2.4 Gedragsverandering als vroeg signaal: longitudinaal bewijs
Bijzonder relevant is longitudinaal onderzoek van de University of California Davis (JMIR, mei 2025), waarbij passieve sensoren in woningen van thuiswonende ouderen werden ingezet om gedragsveranderingen te detecteren. De studie toonde aan dat omgevingssensoren significante gedragsafwijkingen konden meten die corresponderen met zelfgerapporteerde gezondheidsachteruitgang — en dit zelfs vóórdat deelnemers zelf actief rapporteerden.
Dit raakt aan een fundamentele beperking van het huidige zorgmodel: het is afhankelijk van zelfrapportage of periodieke observatie. Passieve sensortechnologie doorbreekt die afhankelijkheid. De technologie meet — ook als niemand vraagt.
3. Internationale voorlopers: wat andere landen ons leren
3.1 Japan: noodgedwongen pionier in preventieve ouderenzorg
Japan heeft de steilste vergrijzingscurve ter wereld: meer dan 29% van de bevolking is 65 jaar of ouder. Het land fungeert daarmee als onvrijwillig laboratorium voor de vraag die heel Europa in de komende decennia moet beantwoorden: hoe borg je kwalitatieve ouderenzorg als de verhouding tussen werkenden en zorgbehoevenden dramatisch verandert?
Japan heeft vroeg ingezet op technologische ondersteuning van thuiszorg en verpleeghuiszorg. Passieve sensorsystemen voor bewegings- en slaapmonitoring, gecombineerd met AI-analyses, zijn er wijdverbreid. Een centrale les die Japan heeft geleerd: de adoptie van technologie door ouderen hangt minder af van de technologie zelf dan van hoe die wordt geïntroduceerd. Systemen die als controle worden ervaren, worden geweigerd; systemen die als ondersteuning van zelfstandigheid worden gepositioneerd, worden omarmd.
3.2 Denemarken en Finland: preventie als basisinfrastructuur
Scandinavische landen zijn internationaal erkend als koplopers in preventieve gezondheidszorg. Preventie wordt er niet behandeld als aanvulling op curatieve zorg, maar als basisinfrastructuur die structureel gefinancierd en geïntegreerd is.
In Denemarken loopt een INTERREG-gefinancierd ACE-project waarbij het Nederlandse Smart Floor-systeem voor valrisicobeoordeling is geïntroduceerd in Aarhus. Vroege pilotresultaten laten zien dat objectieve loopparametermetingen ook het vitaliteitsbewustzijn van ouderen vergroten. Finland heeft significante investeringen gedaan in nationale digitale gezondheidsinfrastructuur (het Kanta-systeem), waardoor gegevensuitwisseling tussen alle zorgaanbieders mogelijk is — en daarmee precies de vorm van vroegsignalering die in de Nederlandse context nog moeilijk van de grond komt.
3.3 OECD: thuismonitoring als kerninfrastructuur
Een recente OECD-publicatie over healthy ageing en community care documenteert dat inmiddels minstens 22 OECD-landen Hospital-at-Home-programma's kennen. Deze programma's combineren vroeg ontslag of preventie van ziekenhuisopname met intensieve thuismonitoring.
OECD-inzicht (2024) Telehealth en remote monitoring worden verwacht om in 2026 41,2% van de markt voor ouderenzorgtechnologie te vertegenwoordigen. Thuismonitoring verschuift van aanvulling naar kerninfrastructuur in goed functionerende zorgsystemen. |
3.4 De VS: predictieve analytics op schaal
In de Verenigde Staten heeft de integratie van predictieve analytics in ouderenzorg een verdere fase bereikt dan in Europa. Grote zorgverzekeraars investeren structureel in AI-gestuurde zorgprogramma's die risicoprofilering op populatieniveau combineren met gepersonaliseerde interventies.
Kostenonderzoek (Aging Clinical and Experimental Research, 2020) toont aan dat passieve thuismonitoringstechnologie een geprojecteerde kostenbesparing van meer dan €425 per persoon per maand kan opleveren — meer dan €5.000 per persoon per jaar. De besparingen zijn voornamelijk toe te schrijven aan minder ziekenhuisopnames en minder benodigde nazorg na valincidenten.
4. Implicaties voor zorgorganisaties in Nederland
4.1 De kloof tussen beleidsambitie en uitvoering
Nederlandse zorgorganisaties staan onder significante druk. Het personeelstekort loopt op: prognoses wijzen op een tekort van 4 miljoen zorgprofessionals in Europa in 2035. De vraag naar zorg neemt toe. En de financiering is beperkt, terwijl kwaliteitsvereisten stijgen.
Tegelijkertijd is er sterk beleidsmatig momentum voor preventieve zorg. Valpreventie is per 2024 opgenomen in het basispakket. Het Integraal Zorgakkoord (IZA) benoemt ketenaanpakken als speerpunt. Gemeenten worden geacht via de WMO bij te dragen aan langer zelfstandig thuis wonen. Zorgverzekeraars hebben financieel belang bij het reduceren van dure acute zorg.
De kloof bestaat tussen ambitie en uitvoering. Vroegsignalering vereist continue data. Continue data vereist technologie die continu meet. De huidige ketenaanpak Valpreventie is gebaseerd op periodieke assessments — maar periodiek is per definitie niet continu. Zorgorganisaties die willen voldoen aan de verwachting van preventieve zorg, hebben een technologische infrastructuur nodig die die continuïteit levert.
4.2 Schaalbaarheid als sleutelcriterium
Een fundamentele uitdaging is schaalbaarheid. Meer zorgprofessionals inzetten voor monitoring is structureel niet haalbaar. Technologie moet de oplossing complementeren — maar dit wel op schaal kunnen doen, met minimale administratieve belasting en zonder specialistische technische kennis.
Dit stelt eisen aan zorgtechnologie. Systemen die uitgebreide installatie vereisen, proprietary netwerken gebruiken, meerdere dashboards genereren of hoge eenmalige investeringen vergen, zijn structureel moeilijk breed uitrolbaar. Plug-and-play-architectuur — installeerbaar door niet-technisch personeel, via bestaande wifi-infrastructuur, met data gecentraliseerd in één overzichtelijk platform — is een voorwaarde voor schaalbare implementatie in de extramurale en intramurale ouderenzorg.
4.3 Privacy en regelgeving als randvoorwaarden
Zorgtechnologie die continu meetgegevens verzamelt in de thuisomgeving van cliënten, raakt directe grondrechten. In de Nederlandse en Europese context zijn de AVG en de AI Act leidend. Systemen die werken zonder persoonlijk identificeerbare informatie (PII), die CE-gecertificeerd zijn en relevante NEN-normen volgen, voldoen aan de minimale vereisten die van zorgorganisaties worden verwacht.
Belangrijk aandachtspunt: zorgorganisaties zijn eindverantwoordelijk voor de gegevensverwerkingspraktijken van de systemen die zij inzetten — ook als die worden geleverd door externe technologiepartijen. Privacy-by-design is daarmee geen bijzaak maar integraal onderdeel van elke productevaluatie.
4.4 Integratie met bestaande ECD-systemen
Een praktisch knelpunt voor veel zorgtechnologische toepassingen is de integratie met bestaande elektronische cliëntdossiers (ECD's). Zorgorganisaties werken met uiteenlopende ECD-platforms — waaronder ONS Nedap, Ysis en andere — en zijn afhankelijk van leveranciers voor koppelingsmogelijkheden. Technologie die een eigen, losstaand registratiesysteem meebrengt, creëert dubbele administratie en verhoogt de werkdruk.
De toekomst van zorgtechnologie in de thuiszorg ligt in naadloze koppeling: sensordata die automatisch, gestructureerd en contextgebonden wordt doorgegeven aan het ECD van de zorgorganisatie. Dit maakt signalen onderdeel van het reguliere zorgproces, in plaats van een parallelle datastroom die apart beheerd moet worden.
5. touchbase: van inzicht naar schaalbare preventieve zorg
5.1 Wat touchbase doet
touchbase is een HealthTech-platform dat passieve sensortechnologie combineert met AI-gedreven vroegsignalering, specifiek ontwikkeld voor zorgorganisaties die schaalbaar en bewezen preventief willen werken. De touchbase-sensor gebruikt 60 GHz mmWave-radartechnologie — volledig passief, zonder camera's, wearables of drukknop. De sensor detecteert continu gedragspatronen en vertaalt die naar bruikbare signalen voor zorgprofessionals en mantelzorgers.
Wat touchbase meet | Wat dat oplevert voor de zorgorganisatie |
Valincidenten (automatisch, passief) | Automatische MIC/VIM-registratie. Directe melding aan zorgteam. Minder administratiedruk. |
In/uit-bed, slaapkwaliteit, nachtritme | Objectieve onderbouwing voor zorgzwaarte. Vroegsignaal voor delier, valgevaar, oververmoeidheid. |
Dwaalgedrag en nachtelijke onrust | Betere ondersteuning cliënten met dementie. Minder fysieke toezichtrondes. |
Activiteitsniveaus en gedragspatronen | Vroegsignalering van achteruitgang. Betere MDO-voorbereiding. Onderbouwing herindicatie. |
AI-gedreven anomaliedetectie (medio 2026) | Proactieve zorg in plaats van reactieve zorg. Snellere escalatie bij hoog-risico cliënten. |
5.2 Technische uitgangspunten
• Sensortechnologie: 60 GHz mmWave-radar, gevalideerd in meer dan 100.000 woningen
• Installatie: plug-and-play, ca. 15 minuten, alleen wifi vereist, geen technische expertise nodig
• Geen camera's, geen wearables, geen knop — volledig passief, cliënt hoeft niets te doen
• ECD-integratie: Nedap ONS en Guidion (beschikbaar medio 2026)
• Alarmering: stepped-care via de touchbase-app en medisch servicecentrum Altide (medio 2026)
• Compliance: GDPR, AI Act, NEN-ISO, CE-gecertificeerd, geen PII, geen camerabeelden
• Bekostiging: Wlz (via zorgkantoor) en Zvw (via zorgverzekeraar)
5.3 Ontwikkeld met en voor de zorgpraktijk
touchbase is mede ontwikkeld in samenwerking met Pieter van Foreest, een zorgorganisatie actief in de volle breedte van de ouderenzorg. Medewerkers, mantelzorgers en cliënten van Pieter van Foreest hebben actief bijgedragen aan de doorontwikkeling van het platform.
"In ons Innovatielab testen we nieuwe technologieën samen met zorgmedewerkers. Hun praktijkervaring is cruciaal: technologie moet zorgmedewerkers ondersteunen, niet extra belasten." — Jitske van den Brink, adviseur leef- en zorgtechnologie en fysiotherapeut, Pieter van Foreest
6. Van inzicht naar implementatie: succesfactoren en business case
6.1 Het stepped-care principe als leidend kader
Internationaal onderzoek wijst consistent in de richting van een stepped-care-benadering: technologie als eerste laag die continu meet en signaleert, zorgprofessionals als tweede laag die op basis van die signalen handelt. Dit is de meest logische inzet van schaarse zorgcapaciteit: op de juiste plek, op het juiste moment, bij de juiste cliënt.
Dit vereist dat de technologische eerste laag betrouwbaar is. Valse alarmen eroderen het vertrouwen in het systeem en verhogen de werkdruk. Gevalideerde sensortechnologie, gecombineerd met AI-gedreven anomaliedetectie op basis van individuele basispatronen — in plaats van populatienormen — is daarin superieur aan eenvoudige drempelwaarde-alarmen.
6.2 Vijf succesfactoren uit internationale implementaties
• Vroegtijdige betrokkenheid van zorgprofessionals. Technologie die opgelegd wordt, wordt niet gebruikt. Systemen waarbij zorgprofessionals betrokken zijn bij de implementatie en die aansluiten bij bestaande workflows, hebben een significant hogere adoptiegraad.
• Laagdrempelige installatie en onboarding. In Japan en Scandinavië zijn implementaties succesvoller wanneer installatie en activering door niet-technisch personeel of cliënten zelf kunnen worden uitgevoerd.
• Gerichte cliëntcommunicatie. Passieve monitortechnologie roept weerstand op als deze als bewaking wordt gepresenteerd. Framing rondom vitaliteit, slaapkwaliteit en zelfstandigheid leidt tot substantieel hogere acceptatie.
• Duidelijke governance over data en signalen. Wie ontvangt welk signaal? Op welk moment? Met welke verwachte opvolging? Zorgorganisaties die deze werkafspraken vooraf vastleggen, voorkomen dat waardevolle signalen onbehandeld blijven.
• Naadloze ECD-koppeling. Sensordata die automatisch in het bestaande zorgdossier terechtkomt, verlaagt de administratieve last en verhoogt de kans op structurele adoptie.
6.3 De business case: kosten en baten in balans
Voor zorgorganisaties is de vraag naar de business case legitiem en noodzakelijk. Preventieve technologie vergt initieel budget, terwijl besparingen vaak bij ziekenhuizen of verzekeraars worden gerealiseerd. Toch is de onderbouwing sterk.
De directe besparing op zorgintensivering als gevolg van vermeden of uitgestelde valincidenten is aanzienlijk: een heupfractuur kost gemiddeld €20.000 tot €40.000 aan directe zorgkosten, exclusief revalidatie en langdurige zorgverzwaring. Eén voorkomen valincident met heupfractuur per tien gemonitorde cliënten — een conservatieve aanname op basis van internationale studies — maakt brede implementatie al kostenneutraal of positief.
Directe baten | Indirecte baten | Strategische baten |
Minder valincidenten en SEH-bezoeken. Lagere intramurale zorgkosten. Minder ziekenhuisopnames. | Hogere cliënttevredenheid. Aantrekkelijker werkgeverschap voor zorgprofessionals. Minder adrenalinezorg. | Sterkere positie bij aanbesteding en inkoopgesprekken met verzekeraars. Betere propositie voor VPT- en WLZ-zorg. Koplopersstatus in preventieve ouderenzorg. |
6.4 Concrete volgende stappen
Een succesvolle implementatie van predictieve thuismonitoring begint met gerichte keuzes, niet met een organisatiebrede uitrol. Op basis van internationale ervaringen is de volgende aanpak bewezen:
• Stap 1 — Pilotgroep selecteren: Start met 10-20 cliënten met een aantoonbaar verhoogd valrisico of recent valincident in een afgebakende locatie of team.
• Stap 2 — Werkafspraken vastleggen: Bepaal vooraf welke signalen door wie worden opgevolgd, en op welke termijn. Koppel dit aan het bestaande MDO- en casemanagementproces.
• Stap 3 — Zorgteam betrekken vóór installatie: Bespreek het systeem met zorgprofessionals die ermee gaan werken. Adoptie begint bij begrip en vertrouwen.
• Stap 4 — Cliënt en mantelzorger informeren: Frame de technologie expliciet als ondersteuning van zelfstandigheid, niet als controle. Dit verhoogt de acceptatie structureel.
• Stap 5 — Evalueer op uitkomsten, niet alleen op techniek: Meet na 3 en 6 maanden op valincidenten, zorgzwaarte, werkdruk en cliënttevredenheid.
7. Conclusie en volgende stap
De transitie van reactieve naar preventieve ouderenzorg is geen verre toekomst — het is een beweging die in internationale koplopers al volop gaande is. Japan, Denemarken, Finland en de VS laten zien dat passieve sensortechnologie, gecombineerd met AI-gedreven vroegsignalering, een structurele bijdrage kan leveren aan de houdbaarheid van ouderenzorg: minder ziekenhuisopnames, lagere kosten, hogere kwaliteit van leven voor cliënten en een efficiëntere inzet van schaarse zorgcapaciteit.
De wetenschappelijke basis is robuust. Gedragspatronen — in slaap, beweging en dagelijkse routines — zijn betrouwbare vroeg-indicatoren van naderende gezondheidsachteruitgang. Systemen die deze patronen continu meten, passief en zonder belasting voor de cliënt, maken het mogelijk om zorg te verschuiven van het moment van de crisis naar het moment waarop ingrijpen nog werkelijk effect heeft.
Voor Nederlandse zorgorganisaties is de vraag niet meer óf predictieve monitortechnologie een rol gaat spelen in de thuiszorg en verpleging — dat is inmiddels onomstreden. De vraag is wanneer, en op welke manier de organisatie de implementatie aanpakt. Organisaties die nu de infrastructuur opbouwen voor predictieve zorg, positioneren zichzelf als koplopende partner voor cliënten, mantelzorgers en zorgverzekeraars in een zorglandschap dat fundamenteel verandert.
"Preventie is niet duur. Wat voorkomen had kunnen worden maar niet werd voorkomen, is dat wel."
Klaar voor een eerste gesprek? touchbase gaat graag met u in gesprek over de mogelijkheden voor uw organisatie — op locatie of online. Een verkennend gesprek duurt gemiddeld 30 minuten en geeft direct inzicht in haalbaarheid, bekostiging en implementatiepad. care@touchbase.care | 097-010 289 344 | www.touchbase.care/zakelijk |
Bronnen en referenties
1. RIVM (2025). Valpreventie in Beweging. Monitor Valpreventie: Stand van zaken ketenaanpak in 2024 en eerste kwartaal 2025. https://www.rivm.nl/publicaties/valpreventie-in-beweging
2. VeiligheidNL (2024). Valpreventie Valincidenten voorkomen bij ouderen. Whitepaper 2.0. December 2024. https://www.ggdbzo.nl/app/uploads/sites/2/2025/02/Whitepaper-Valpreventie-v2.pdf
3. Loket Gezond Leven (2024). Cijfers en feiten valpreventie gemeente. RIVM. https://www.loketgezondleven.nl
4. Nikolova-Simons, M., Golas, S.B., op den Buijs, J., et al. (2021). A randomized trial examining the effect of predictive analytics and tailored interventions on the cost of care. npj Digital Medicine. https://doi.org/10.1038/s41746-021-00449-w
5. Lee, A., Lee, H., Lee, S.H. (2025). Digital Healthcare Approaches for Fall Detection and Prediction in Older Adults. Medicina, 61(11). https://doi.org/10.3390/medicina61111926
6. Raza, R., et al. (2026). A Systematic Review of Fall Detection and Prediction Technologies for Older Adults. Applied Sciences, 16(4). https://doi.org/10.3390/app16041929
7. Fritz, R., Cook, D. (2025). Detecting Older Adults' Behavior Changes During Adverse External Events Using Ambient Sensing. JMIR. https://doi.org/10.2196/69052
8. Rantz, M.J., et al. (2020). Economic evaluation of passive monitoring technology for seniors. Aging Clinical and Experimental Research. https://doi.org/10.1007/s40520-019-01323-2
9. OECD (2024). The Economic Benefit of Promoting Healthy Ageing and Community Care. https://www.oecd.org/en/publications/the-economic-benefit-of-promoting-healthy-ageing-and-community-care
10. Interreg North Sea – ACE (2025). Smart Floor: fall detection and prevention for the elderly. Pilot Aarhus, Denmark. https://www.interregnorthsea.eu/ace
11. Al-Hawamleh, M.R., et al. (2025). Clinical Outcomes of Passive Sensors in Remote Monitoring: A Systematic Review. Sensors, 25(11). https://doi.org/10.3390/s25113285
12. NZa (2023). Valpreventie vergoed vanaf 2024. https://www.nza.nl
13. Zorginstituut Nederland (2024). Valpreventie (Zvw). Verduidelijking 15 mei 2024. https://www.zorginstituutnederland.nl
Laatste controle bronnen: mei 2026 | touchbase.care | care@touchbase.care






